De populairste kleine steden en dorpen in Andalusië


Langzaamaan lijken de vooruitzichten op een reis naar Spanje dit jaar weer hoopvol. Maar ik kan me goed voorstellen dat je de drukte van de grote steden of bekende badplaatsen wil vermijden. Overal in het land zijn er tientallen dorpen die dankzij hun pittoreske pleintjes, traditionele architectuur en regionale keuken bijzonder authentieke bestemmingen zijn.

Andalusië is al tientallen jaren een geliefde vakantiebestemming voor Nederlanders, maar het afgelopen jaar hebben we er niet veel van kunnen genieten. Nu de situatie lijkt te verbeteren, kunnen we langzaamaan weer hopen op een mooie zomervakantie in dit land. Andalusië is zeer geliefd vanwegen het fijne klimaat, zijn cultuur, historie en zeker ook om de sfeervolle dorpjes in het binnenland.

Het digitale platform Musement is een service die is ontworpen om reizigers te helpen dingen te ontdekken en ervaringen te boeken – van museumbezoeken tot rondleidingen door de stad, eet- en wijnproeverijen, sportevenementen en wellnessactiviteiten – waar ze ook gaan. Hun doel is om jouw reiservaring te verrijken. UIt hun onderzoek bleken dit de mooiste en populairste dorpen en kleine steden in Andalusië:

Osuna (Sevilla): deze hertogelijke stad heeft een rijk artistiek erfgoed. Het klooster (Monasterio de la Encarnación), de kerk en de steengroeven zijn slechts een kleine greep uit de vele bezienswaardigheden.

Frigiliana (Málaga): dit dorp ligt in het natuurpark van de Sierras de Almijara, Tejeda en Alhama. En wanneer je door de smalle en steile straatjes van het historische centrum wandelt, is het alsof je terugreist in de tijd. Ga naar het uitkijkpunt Callejón del Peñón om te genieten van een panoramisch uitzicht over de hele stad.

Setenil de las Bodegas (Cádiz): deze stad in de Sierra de Cádiz maakt deel uit van de Route langs de Witte Dorpen. Een van de bijzonderheden is de ligging van de huizen, waarvan er vele “beschut” tegen de rotsen zijn gebouwd.

Guadix (Granada): de “Europese hoofdstad van de grotten” heeft meer dan 2000 bewoonde grotwoningen. Zoals Jean Sermet, een bekende Franse geograaf, zei: “Guadix is ​​een stad die niet beschreven mag worden; hij moet gezien worden.”

Rute (Córdoba): een van de belangrijkste attracties van Rute zijn de vele gastronomische musea. In veel van de musea worden producten als anijs, nougat of chocolade, nog steeds geproduceerd.

Mojácar (Almería): een paar kilometer van de kust van Almería, vinden we dit witte stadje vol bezienswaardigheden, zoals de Plaza del Parterre, de kerk van Santa María of de oorspronkelijke toegangspoort (Puerta de la Ciudad).

Cazorla (Jaén): Cazorla, gelegen tussen olijfboomgaarden en bergen, is perfect voor diegenen die natuur en cultuur willen combineren. Maak van de gelegenheid gebruik om het Castillo de la Yedra te bezoeken!

Aracena (Huelva): dit dorp ligt in natuurpark Sierra de Aracena y Picos de Aroche. Een trekpleister van deze plaats is de Gruta de las Maravillas, een waar paradijs van stalactieten en stalagmieten.

Voor deze resultaten kwamen alle gemeenten met minder dan 20.000 inwoners in Andalusië in aanmerking (bron: https://www.ine.es/ – officiële cijfers uit het gemeenteregister – gegevens van 2020). Om de meest gezochte woonplaats in elke provincie te bepalen, werd de Google term qué ver (wat te zien in gemeente) in Spanje geanalyseerd. Bij een gelijkspel werd de woonplaats gekozen waarvan de naam alleen het hoogste zoekvolume had. Het onderzoek is overigens gedaan in alle provincies in Spanje

Hoewel het nog te vroeg is om de koffers te pakken, is het toch ook heerlijk vast wat weg te dromen naar een vakantie naar Spanje voor wanneer de situatie het weer toelaat. Van noord naar zuid en van oost naar west zit heel Spanje vol met charmante stadjes en dorpen die de ideale omgeving kunnen zijn om te genieten van het ´nieuwe normaal´. Zo is dit zelfde onderzoek gewdaan door heel Spanje en is er een top 50 lijst onstaan. Lees meer informatie over de 50 steden en dorpen op: https://blog.musement.com/nl/50-pittoreske-steden-en-dorpen-in-spanje/

Met dank aan Musement. Dit is het digitale platform waarmee je reisactiviteiten kunt boeken in meer dan 1400 bestemmingen en 70 landen wereldwijd. De dienst is beschikbaar in 9 talen via verschillende digitale touchpoints, het gespecialiseerde platform voor reisbureaus.

De kust van Cádiz, unieke stranden en wetlands met een lange geschiedenis

Cadiz is een van de parels van Andalusië, een van de oudste steden van Europa.  Maar behalve de stad biedt ook de provincie een rijkdom aan natuur en historie. Dit keer bezoek ik de kust, de streek tussen Cadiz en Tarifa, de oudst bewoonde kust van Spanje. Een gebied dat al ruim voor Christus bewoond werd door Feniciërs en later door de Romeinen.

De kust van Cadiz is synoniem voor zon, zee, wind en vis. Hier kun je je onderdompelen in het intense leven in de vlekkeloos witte vissersplaatsjes die zijn gelegen aan de Atlantische oceaan. Je kunt er wandelingen maken over de goudgele stranden, de verkoelende en tegelijk zwoele oceaanwind ontmoeten en je te goed doen aan vers gevangen schaal- en schelpdiergerechten.

De zone die ik als eerste bezoek is het natuurpark Bahía de Cádiz, een vlak landschap met een oppervlakte van ruim 10.000 hectare. Het is een groot waterrijk gebied dat bestaat uit stranden, moerassen, zoutpannen, zoetwatermeren en gebieden die vollopen als het vloed is.

Het binnenstromen van de zee in de monding van de rivieren Guadalete en San Pedro, samen met het milde mediterrane klimaat, bepalen de ecologische kenmerken van dit wetland en er is een grote afwisseling van landschap: stranden, duinen en lagunes, moerassen en oeverlandschap die onderlopen.  De ligging tussen Cadiz en de Straat van Gibraltar maakt het tot een geweldig gebied om vogels te observeren die overvliegen tussen Europa en Afrika. Het is de thuisbasis van kleine sterns, stelten, kluten, de elegante flamingo en de visarend.

Zoutpannen

Zoutwinning werd al in de Fenicische tijd in deze baai gedaan. Ook de Romeinen gebruikten het zout voor het conserveren van vis en het produceren van hun garumsaus, (gefermenteerde vissaus) terwijl in de 15e eeuw de bemanning van de zeilboten het zout gebruikten voor het bewaren van voedsel op hun reizen naar Amerika.


De zoutpannenindustrie in de zogenoemde Salinas van de baai kwam echter pas veel later. Tegen het einde van de 19e eeuw was meer dan 10.000 ha moerasland veranderd in ongeveer 150 zoutpannen.

Het leven van veel van de bewoners rond de Bahía draaide rond de salinas, het zorgde voor hun levensonderhoud. Het is leuk om een wandeling over de paden te maken, je ziet de invloed van de salinas op het landschap, er zijn ook Salineras-huizen te zien.


Momenteel heeft de winning van zout plaatsgemaakt voor andere activiteiten zoals het vangen van schelpdieren en vissen langs de kust. In de wijde omgeving worden de garnalen,  schelpdieren , oesters, zeebaars, tong en dorade, gewaardeerd om hun goede kwaliteit. In deze streek zijn de garnalen tortillas, tortilla de camarones, beroemd. Dit zijn kleine platte, gefrituurde koekjes, gemaakt met kikkererwtenmeel en camarones, kleine garnaaltjes.

Stoere tonijnvissers

De fantastische stranden en het natuurpark zijn niet het enige waar de kust bekend om staat. Wie bijvoorbeeld in Spanje Barbate zegt, zegt tonijn. En wat voor tonijn! De blauwvintonijn, atún rojo salvaje, zoals het in Andalusië wordt genoemd, is waar het hier allemaal om draait.

Deze tonijn wordt voor de kust van Barbate, Tarifa, Bolonia, Zahara de los Atunes en nog enkele kustplaatsen in de maanden april, mei en juni op een duurzame manier gevangen, volgens een eeuwenoude manier die la Almadraba´heet.

La Almadraba is een ingenieuze vorm van visvangst die 3000 jaar geleden door de Feniciërs is uitgevonden. Het is een hele kunst om de netten precies zo te plaatsen waar de tonijn vanuit de Atlantische Oceaan komt en op weg gaat naar het warmere water van de Middellandse Zee om te gaan paren. De tonijn wordt door een doolhof van netten geleid totdat ze gevangen zitten in een fuik van netten en omringd zijn door vissersboten.

Als voldoende vissen zich hebben vastgezwommen, wordt het grote net omhoog gehaald en springen de vissers met veel spektakel vanaf hun boten in het water om de gigantische tonijnen binnen te halen. Dit is niet helemaal ongevaarlijk want de tonijnen zijn soms wel drie meter lang en wegen soms meer dan vijfhonderd kilo!

De vangst wordt daarna gesorteerd door ervaren Almadrabavissers. Alleen de grote vissen worden gehouden voor consumptie, de kleinere vissen worden weer in het water teruggegooid. Op deze manier wordt de visstand op peil gehouden.

Langs de hele kust van Cadiz staat de delicatesse rode tonijn die ook Almandraba wordt genoemd op de kaart. Je kunt hem gebakken, even dichtgeschroeid (tataki) of rauw (als tartar) bestellen.

Ik sluit mijn tocht af met een strandwandeling langs de blauwe oceaan met zijn bruisende branding. Bij Tarifa tekenen de contouren van het Afrikaanse vasteland zo helder af, alsof ik ze met mijn handen aan kan raken. De kuststreek van Cadiz is een van oudsher bekende smokkelgebied. Dat er heden ten dage ook nog gesmokkeld zou worden, wordt door de Guardia Civil niet geheel ontkend…

Baelo Claudio

In de duinen van het strand van Bolonia ligt een archeologische verrassing op me te wachten; Baelo Claudio. Het is een van de best bewaard gebleven Romeinse nederzettingen van Europa. Tijdens mijn rondwandeling ontdek ik een theater, drie tempels en zelfs een oude visfabriek uit de tweede eeuw voor Christus. Baelo Claudio werd ongeveer 2000 jaar geleden gesticht en was onderdeel van de provincie Hispania Baetica.

Oorspronkelijk was het een vissersplaats waar de geliefde vissaus Garum werd gemaakt. Door een aantal vloedgolven en aardbevingen is de stad die onder keizer Claudius een welvarende gemeenschap was, in verval geraakt.

Ik neem plaats op het terras van het restaurant dat direct tegenover de resten van de oude stad liggen en bestel mijn lievelingsgerecht: tartar de atun rojo. Ook de typische ortiguillas del mar, gefrituurde zeeanemoon, laat ik me uitstekend smaken.

Onder het genot van een glaasje witte wijn uit Cadiz, zie ik hoe langzaam de zon aan de horizon ondergaat en de Andalusische lucht oranje en roze kleurt. Een prachtig spektakel van kleuren dat mijn dag aan de kust van Cadiz afsluit.

Observeer de heldere hemel vanaf sterrenwacht Calar Alto in Almeria

Afgelopen zomer bezocht ik in de provincie Almeria het astronomisch centrum Calar Alto. Je kunt er met de auto komen maar ik wandelde met een gids via een stijl bergpad aan de zuidelijke kant van het gebergte dat ons naar de 2168 hoge top bracht.

Het is in de vooravond en onderweg schieten berggeiten voor ons langs en zie ik hier en daar zwijnen tussen de struiken snuffelen.

Wandelgids Carlos vertelt ondermeer dat er in de Sierra de Filabres meer dan 2000 plantensoorten te vinden zijn. Onderweg geniet ik van het uitzicht over spectaculaire ravijnen en canyons en een schitterende zonsondergang.

Als het bijna donker is, arriveren we op het hoogste punt waar een astronoom op ons staat te wachten. We zijn niet de enigen, want het is de nacht van de Perseïden en menigeen is naar de sterrenwacht gekomen om ´vallende sterren´ te zien en een wens te doen.

De gepassioneerde astronoom heeft al de gehele dag naar het moment uitgekeken dat de zon eindelijk achter de horizon verdween en is uitermate enthousiast omdat het een avond met wolkeloze heldere hemel is. Hij heeft zijn eigen veldtelescoop meegenomen. Een speelgoeddingetje vergeleken bij de enorme reuzen die ons omringen.


De Spaans-Duitse Sterrenwacht Calar Alto, genesteld onder de bevoorrechte hemel, op een hoogvlakte van 2168 m boven de zeespiegel, is de belangrijkste sterrenwacht van het Europese continent. Het bestaat iets meer dan veertig jaar en heeft flink bijgedragen tot de ontwikkeling van de astronomie in Spanje.

Het wordt gezamenlijk gebruikt met het Max-Planck Instituut voor Astronomie in Heidelberg en het Instituut voor Astrofysica van Andalusië, in Granada en staat digital in verbinding met universiteiten over de hele wereld.

De sterrenwacht geniet van het voordeel wat het klimaat van Almeria biedt, droge en onbewolkte hemels, wat het mogelijk maakt om meer dan 200 nachten per jaar observaties uit te voeren. De plaats van de sterrenwacht is ideaal voor nachtelijke observaties door de volledige duisternis.

Het is niet voor niets dat amateurs en professionele astronomen graag naar Calar Alto komen. De lucht boven het gebergte is zuiver en de nachten zijn donker. Dit grootste astronomische complex van Europa ligt ver van alle lichtvervuiling, en biedt het perfecte uitzicht om de majestueuze nachtelijke hemel vast te leggen.

´In de astronomie kijken we weg naar het verleden. We kunnen leren hoe sterrenstelsels zich in de vroege stadia van de universumgeschiedenis bevonden,´ vertelt de astronoom enthousiast. De luchtvochtigheid is laag in dit deel van Almeria en de nachten in de zomer relatief lang en donker.

En last but not least: Andalusië ligt voor een astronoom om de hoek in vergelijking met andere goede bestemmingen om de sterren te bekijken zoals Chili en Hawaï.

Als ik met de telelens naar de hemel kijk, zie ik de nevels van het Melkwegstelsel. Dat is op veel plekken onmogelijk.  Even later laat de astronoom ons zien waar Saturnus en Jupiter zich bevinden en haalt hij de planeten dichtbij door ons door de lens te laten kijken.

Ondertussen tel ik zestien vallende sterren! Dit is mijn gaafste indruk van hoe mooi de hemel kan zijn. Diep onder de indruk bestudeer ik het heldere universum. Wat voel ik me nietig. Even na middernacht dalen we af naar het hotel dat op een klein uurtje afstand in de bergen ligt.

Maar het is nog niet klaar want de volgende morgen gaan we opnieuw naar het centrum en bezoeken we de enorme telescopen. Caltar Alto beschikt over drie telescopen met openingen van 1.2m, 2.2m en 3.5m, de laatste van wel 45 meter hoog.

Terwijl ik over de winderige vlakte loop, voelt het of ik in een futuristische film ben beland.

Je kunt een rondleiding reserveren bij de organisatie Azimuth. Zij hebben professionele gidsen die diverse talen spreken. Tijdens de begeleide tour wordt er duidelijke uitleg gegeven over astronomie en wordt het interieur van de reusachtige telescopen bezocht.

Het Observatorium van Calar Alto ligt in de gemeente Gérgal 04550, op een uur rijden van Almeria.

Bekijk hier de video

Met dank aan Iñigo Pedrueza van El Giroscopo Viajero voor een deel van de fotos.

En dank aan Turismo Andaluz die dit bezoek voor me mogelijk heeft gemaakt.

Verhuizen naar Spanje tijdens Corona

Verhuizen naar Spanje tijdens corona

Iedereen droomt er wel eens van om te verhuizen naar Spanje. Het klimaat, het eten, de cultuur, en natuurlijk de huizenprijzen. Genoeg redenen om te verhuizen dus. Misschien denk je:  “waarom zit ik hier eigenlijk nog? Vamos a España!”. Helaas gaat dat met Covid-19 ietsjes lastiger. Maar toch kan het. Sirelo zal je uitleggen hoe je alsnog naar Spanje kan verhuizen ondanks de coronacrisis!

Wat kost een verhuizing naar Spanje?

Naar Spanje verhuizen kost gemiddeld tussen de € 4000,- en € 7000,-. Een exacte prijs van je verhuizing kan je nooit van tevoren berekenen, omdat er verschillende factoren betrokken zijn. Het hangt er van af hoeveel inboedel je gaat verhuizen en de afstand naar je bestemming in Spanje vanaf je huidige woning. Wil je naar één van de Spaanse eilanden verhuizen? Dan moet je dieper in je buidel tasten, omdat zo’n verhuizing per container gebeurd en dus ook per containerschip.

TIP: Wil je precies weten hoeveel je verhuizing zal gaan kosten? Aarzel niet om bij verschillende verhuisbedrijven offerte aanvragen te doen om te kijken hoeveel je verhuizing zal gaan kosten.

Aanvragen van een NIE (Número de Identificación de Extranjeros)

Als je langer dan 3 maanden verblijft in Spanje, moet je inschrijven bij de Commissariaat van de Nationale Politie afhankelijk van de gemeente waar je woont of de kantoor gevestigd is. Ondanks corona in Spanje is het nog steeds mogelijk om een afspraak te maken op kantoor. Met dit NIE-nummer kun je praktisch alle belangrijke zaken regelen in Spanje zoals het kopen van een huis, een bankrekening openen of abonnementen. Je kan het vergelijken met een BSN in Nederland.

TIP: Het is ook mogelijk om ruim voor je vertrek naar Spanje in Nederland bij de Spaanse Ambassade of het Consulaat een NIE-nummer aan te vragen. Je kan hiervoor een afspraak maken.

Is het mogelijk om naar Spanje te verhuizen tijdens corona?

Ondanks de coronacrisis is het nog steeds mogelijk om te verhuizen naar Spanje. Let wel op dat het reisadvies continu kan veranderen. Het is aangeraden om de website van Nederland Wereldwijd in de gaten te houden. Daar geeft de overheid regelmatig updates over het reisadvies naar Spanje.

Geldt er code geel voor Spanje? Dan kan je verhuizen naar Spanje zonder enige problemen. Neem vooralsnog de maatregelen in acht en draag te allen tijde een mondkapje en neem afstand.

Geldt er code oranje voor Spanje? Dan mag je alleen om noodzakelijke redenen naar Spanje reizen. Een verhuizing is dus niet heel noodzakelijk. Ook mag je niet zomaar op straat komen zonder medische of noodzakelijke reden. De Spaanse overheid treedt hard op tegen mensen die de regels negeren.

Annuleren of verplaatsen van de verhuizing door corona

Het is begrijpelijk dat je door de omstandigheden je verhuizing wil annuleren of verplaatsen. Je wil immers geen risico nemen op een dichte grens of jouw gezondheid en die van je gezin of verhuizers in gevaar brengen. Het is aangeraden om op tijd contact op te nemen met het verhuisbedrijf. Hoe sneller zij er op de hoogte van zijn, hoe beter. Soms rekenen erkende verhuisbedrijven ook kosten voor het annuleren. Je betaalt dan een percentage van de verhuiskosten. Dit zijn de kosten:

Meer dan 30 dagen voor de verhuizing 15 %

14 tot 30 dagen voor de verhuizing 50%

7 tot 14 dagen voor de verhuizing 75 %

Minder dan 7 dagen voor de verhuizing 100%

Adiós Holanda!

Hopelijk ben je wijzer geworden en heb je een beter beeld over het verhuizen naar Spanje ondanks de coronacrisis. Helaas heeft niemand een glazen bol om te voorspellen wat de toekomst zal gaan brengen. Tot die tijd is het afwachten en alle maatregelen zo goed mogelijk in acht nemen. Mocht je de stap alsnog overwegen om te verhuizen, hou dan rekening met eventuele vertragingen en hou vooral rekening elkaar en breng niemands gezondheid in gevaar. Wie weet zwaai jij binnenkort Nederland uit.. Adiós Holanda..!

Dit gastblog is geschreven door Kalam Salim. Hij is werkzaam bij Sirelo verhuizingen.

Pilaar van mijn Leven

Mijn nieuwe roman Pilaar van mijn Leven is in oktober 2020 uitgekomen.

De presentatie vond plaats in het cultureel centrum Finca El Porton in samenwerking met de afdeling cultuur van de gemeente Alhaurin de la Torre in de provincie Malaga.

Het verhaal van de Spaanse Maria begint in de Dominicaanse Republiek waar ze samen met vrienden de as van haar overleden man Eduardo uitstrooit. Hier begint het rouwproces van de weduwe die niets liever wil dan alle mooie herinneringen koesteren, maar tegelijk haar eigen leven weer op de rit probeert te krijgen. Door ervaringen die ze met haar vrienden deelt, krijg je een levendig beeld van de tropische sfeer en de mooie tijd die ze hier met Eduardo heeft doorgebracht. Hoewel de reis oorspronkelijk bedoeld is als afsluiting van een intens verdrietige periode, blijkt het uiteindelijk het begin van een nieuwe levensfase.

Eenmaal weer terug in Sevilla pakt Maria zo goed ze kan de draad weer op. Ondanks haar verdriet is ze vastbesloten iets van de rest van haar leven te maken.

Dag na dag overwinnen is een uitdaging. Terwijl ze de eerste rouwfases probeert te verwerken en de relatie met Eduardo op gezette tijden idealiseert, komt ze doordat ze bewust het hele proces aan dat rouw met zich meebrengt aangaat, stap voor stap tot acceptatie.

Het verlangen om terug te keren naar Santo Domingo blijkt zo sterk, dat ze een half jaar later opnieuw haar koffers pakt. Dit keer biedt haar werk als journaliste een welkom excuus om weer terug te keren. De zoektocht naar de voetsporen van Columbus, waarover ze in opdracht gaat schrijven, is een boeiend verhaal op zichzelf. Het verblijf in Santo Domingo verloopt niet helemaal zoals Maria verwacht, maar met haar herwonnen zelfbewustzijn meestert ze ook de meest pijnlijke en teleurstellende situaties. Ze neemt het heft steeds weer in eigen handen en keert uiteindelijk vol zelfvertrouwen terug naar Sevilla.

De schrijfster is een meester in het maken van kleurrijke, sfeervolle plaatjes van natuur, cultuur en stad. De mensen op straat en de oude gebouwen, de stranden en gezellige cafés geven het verhaal een levendige achtergrond, die de lezer het gevoel geeft zelf op reis te zijn.

Deze vlot te lezen roman gaat niet alleen over rouwverwerking en zelfvinding, maar is het verhaal van een zelfstandige geëmancipeerde vrouw die vastbesloten is uit het leven te halen wat erin zit.

Marion beschrijft haar hartverscheurende ervaringen met een opmerkelijke eerlijkheid. Ze wil de lezer haar het kostbaarste bezit schenken dat zij heeft: haar herinneringen. Dit boek breekt je hart maar geeft ook hoop. Het vertelt het persoonlijke verhaal dat iedereen die veerkracht na een verlies zou willen leren ontwikkelen, zou moeten lezen.

Het boek Pilaar van mijn Leven is vanaf 15 oktober 2020 verkrijgbaar bij iedere boekwinkel in Nederland en België en Bol.com via

ISBN 978-94-6000-152-9.

Je kunt het boek ook direct bij mij bestellen.

De eerste Romeinse stad in Spanje; Italica

Itálica, vroeger Colonia Aelia Augusta Italicensium was de eerste Romeinse stad van Spanje en is gelegen in de gemeente Santiponce, op ongeveer vijftien autominuten vanaf Sevilla (15 km.). Het amfitheater is goed bewaard gebleven en spectaculair om te zien. Ook zijn er tientallen Romeinse mozaïeken te vinden. Als je een bezoek brengt aan Sevilla, dan mag je Itálica eigenlijk niet missen.

De Romeinse stad werd door Generaal Publio Cornelio Escipión opgericht in het jaar 206 voor Christus. De naam Italica stamt af van Italië omdat zowel de stichter, Escipión alsmede de eerste inwoners daar vandaan kwamen.

De vesting moest tijdens de tweede Punische oorlog (218-201 v. Chr.) dienen als opvangplek voor gewonde soldaten afkomstig uit het nabije Ilipa Magna (het huidige Alcala del Rio). Italica is de oudste Romeinse nederzetting op het Iberisch schiereiland.

Gedurende de daaropvolgende decennia groeide Itálica uit tot de belangrijkste stad in de provincie Baetica. Itálica leverde zelfs twee Romeinse keizers: Trajanus en Hadrianus. Hadrianus liet ook het nieuwe gedeelte van de stad bouwen. Helaas kwam na de bloeiperiode ook verval, door onder andere plunderingen door de Vandalen en de Moren. In de zeventiende eeuw werd dan het dorpje Santiponce gesticht, dat zich bevindt op de oudste delen van Itálica, dat veel uitgestrekter was dan Santiponce nu is.

Romeinse keizers
Itálica groeide uit tot een hele belangrijke stad voor Sevilla, het was dé plek waar de Romeinse  keizers Trajanus en Hadrianus uitbundig genoten van het leven. Dat kun je nog zien aan de redelijk bewaard gebleven bouwwerken. Zo was er een Romeins theater, een amfitheater met plaats voor 24.000 toeschouwers, thermale baden en grote luxe huizen.

Op de opgravingssite kan je heel wat bekijken. Zo is er een heuse woonwijk te bekijken uit de tijd van Hadrianus. Het interessantste zijn hier de prachtige mozaïeken die gewoon nog ter plaatse zijn. Het amfitheater is allicht het indrukwekkendste bouwwerk. Je kan in het centrum van het amfitheater lopen en je kan in een deel van de catacomben wandelen. Er was vroeger plaats voor zo’n 25000 bezoekers.

Er is ook een klein museum aan de opgravingssite verbonden. De interessantste voorwerpen die gevonden zijn, zijn echter overgebracht naar het archeologisch museum in Sevilla zelf.

Opgravingen
Het gebied bestaat uit een oud- en nieuw gedeelte, het oude werd gesticht door Escipión en het nieuwe (toegankelijk voor publiek) door Hadrianus (geboren in het jaar 76 na Christus). Helaas is slechts een deel van de stad opgegraven, het oude gedeelte ligt onder het dorp Santiponce en ook andere gedeeltes zijn nog niet uitgegraven, je kan hier dus makkelijk een echte Romeinse fossiel of steen vinden want de graafmachines gaan niet altijd nauwkeurig te werk.

Itálica is dus heel bijzonder omdat het laat zien hoe belangrijk Sevilla was in de Romeinse tijd, zo´n 2000 jaar geleden. Bij de entree kun je een video over de gebouwen in Italica bekijken, echter is deze alleen in het Spaans.

Hoe kom je in Itálica? 


Met de bus:

Er is een rechtstreekse buslijn naar Italica vanaf busstation Plaza de Armas.
Deze bussen rijden elk half uur (in het weekend om het uur). Bussen naar Plaza de Armas zijn: C1, C2, C3, C4 en 43.

Met de auto 

 Neem de ringweg SE-30 richting Mérida, A-66 en houd links aan richting A-49 Huelva, A-66 Mérida.
Blijf de Ruta de la Plata volgen en neem daarna de afslag Santiponce, Itálica.
Eenmaal in Santiponce volg je de borden, maar let erop dat het Romeinse theater op een afstand van het amfitheater en de ingang van Itálica ligt. Deze kun je beter op een ander moment bezoeken.

Openingstijden

Zomer (van 1 april tot en met 30 september): van dinsdag tot en met zaterdag 08.30 tot 21.00 uur.
Zon- en feestdagen van 09.00 tot 15.00 uur.

Winter (van 1 oktober tot en met 31 maart): van dinsdag tot en met zaterdag 9.00 tot 18.30 uur.
Zon- en feestdagen van 10.00 tot 16.00 uur.

Adres: Avenida Extremadura 2, Santiponce

 

Genieten van de Spaans eetcultuur langs de Vias Verdes

Heerlijke wijnen, olijfboomgaarden, uitgestrekte rijstvelden, flamingo’s, kraanvogels én uitmuntende paella. De delta van de Ebro in Catalonië ligt aan de kust. Rust, ruimte en vooral héél Spaans.

WavWSSKt

We zijn na 5 dagen fietsen over de Vía Verde Val de Záfan aangekomen in Sant Carles de la Ràpita, in het hart van de Ebro Delta. En wat hebben we genoten van alle heerlijke gerechten onderweg! Elke keer weer een beloning om naar uit te kijken na een dag vol beproevingen en ervaringen.

Champiñones al Ajillo

De avond voor de start doen we ons tegoed aan een tapasmaaltijd in een gezellig lokaal restaurantje in Puebla de Hijar. Een van onze favorieten zijn de Champiñones al Ajillo, oftewel champions in knoflook. Deze worden gemaakt met de klassieke, witte champions maar kan ook met kastanje champions, cantharellen of oesterzwammen. De overgebleven knoflookolie met peterselie in het bakje blijft heerlijk om je brood je in te  dippen. Mmmm…

unnamed

Zelf maken? Een makkelijk recept  hebben we alvast voor je opgezocht!

Wijnen uit BOT

Terra Alta, onderdeel van de provincie Tarragona, staat bekend om zijn goede wijnen, niet verwonderlijk want je fietst langs kilometers lange velden met wijnranken. Zo kom je langs het plaatsje met de grappige naam Bot, waar Agrícola Sant Josep sinds 1962 gevestigd is en witte en rode wijnen maakt van de druiven uit de omgeving. De kalkgronden en het milde klimaat zorgen voor een goede natuurlijke omgeving voor druivensoorten zoals de Grenache, een duurzame soort.

ebUz5-_p

Zin om zelf een wijntje te gaan proeven? Parkeer je fiets dan bij  Sant Josep;  de witte wijn is een heerlijk frisse afsluiter van de dag!

Meer informatie over de wijnen van Sant Josep

Biologisch eten op Estació de Benifallet

Na twee dagen licht klimmen is de etappe van Cretas naar Benifallet een feestje: alleen maar dalen, heerlijk! De omgeving wordt alsmaar spectaculairder, het grote bergmassief Santa Barbara doemt op en vale gieren zweven boven ons hoofd. Net op tijd arriveren we voor een late lunch bij Estació de Benifallet, een oud station dat is omgebouwd tot hotel met restaurant. In de zomeravonden vinden hier muzikale optredens plaats onder de sterrenhemel, een sprookje! Zo ook het eten, ’s avonds kiezen we voor een menu met biologische producten uit de streek, met de meest verfijnde smaken die je maar kan voorstellen. Opvallend is ook hoe ze op de menukaart aandacht besteden aan alle soorten allergiën, maar liefst 14 hebben we er geteld!

Estació de Benifallet is zeker een stop waard, voor lunch, diner en om er heerlijk te slapen.

Meer informatie over Estació de Benifallet

Jf6HXK6s

Lunchen op niveau in Parador de Tortosa

Op dag vier fietsen we aan het begin van de middag over de rode brug van Tortosa en zien al “ons kasteel” opdoemen, de Parador waar we vannacht mogen slapen. Allerhartelijkst worden we in onze bezwete tenues ontvangen. Na een snelle douche en gehuld in het laatste setje schone kleding gaan we aan tafel in een spectaculaire eetzaal, waar vroeger de ridders en edelvrouwen met elkaar dineerden. En nu wij! Voorname Spaanse families lunchen met kleine kindjes alsof het de gewoonste zaak van de wereld is. Wij doen gezellig mee en verwonderen ons over het prachtige geserveerde eten, opgediend onder zilveren cloches door obers in driedelig kostuum. Wat een bijzondere ervaring!

Meer informatie over Parador de Tortosa

WZDHSb1I

Eindigen met paella uit de Terres del Ebre

Na 5 dagen trappen komen we aan in Sant Carles de la Rápita, een typisch Spaans havenplaatsje aan zee waar vooral de Spanjaarden zelf op vakantie gaan. Er heerst een gezellige drukte en een goede sfeer.

Zeevruchten staan hier overal op het menu, niet verwonderlijk in deze omgeving. En natuurlijk de rijst uit de Ebro Delta zelf. Op het laatste deel van de Val de Záfan route (over de GR99) zou je haast niet in de gaten hebben dat je in Spanje fietst. Het landschap, met de uitgestrekte rijstvelden, de rivier en de palmbomen aan de kant van de weg, doen eerder denken aan Zuidoost-Azië. Hier moet je dus ook genieten van een heerlijke paella, met vis, konijn of kip, waar je van houdt. Of de zwarte versie, gemaakt met inkt van de inktvis.

W6NMMf3L

Een aanrader en een mooie afsluiting van een culinaire fietstocht!

Zelf paella maken? Kijk hier voor een makkelijk paella recept.

Bron: http://www.viasverdesfietsenwandel.com

Auteur: Marjan Gielen

Caminito del Rey weer open sinds 12 juni én kandidaat voor Unesco Werelderfgoed

Wat zou jij doen als je gevraagd werd om de ooit één van de gevaarlijkste wandelroute ter wereld te lopen? Je hoeft vast niet lang te twijfelen, want de Caminito del Rey wandeling staat bij de meeste wandeliefhebbers op het lijstje. Het is één van de highlights in Andalusië voor iedereen die van wandelen houdt.

Wat na een paar kilometer lopen meteen opvalt, zijn de blauwe meren, de hoge bergen en kliffen en vele roofvogels. Het landschap is werkelijk te mooi voor woorden! Na iedere hoek denk je: Het uitzicht kan toch niet nóg mooier worden?

    

Sinds 2015 is de Caminito del Rey een veilig wandelpad dat 100 meter boven de Rio Guadalhorce door het ravijn van de Desfiladero de los Gaitanes, in de volksmond de kloof van El Chorro loopt. Het pad zelf is van hout; sommige delen van de route zijn een gewoon wandelpad en onderweg bevindt zich een platvorm van glas waardoor het zicht naar beneden nog spectaculairder is. El Chorro in Andalusië in de provincie Malaga is een van de prachtigste plekken van Andalusië om te bezoeken.

El Caminito del Rey heeft de reputatie je zenuwen te beproeven. Voor mensen met hoogtevrees cis de wandeling af te raden. Het is een smal wandelpad dat zich vastklampt aan de rotswand hoog boven de rivier, juist bij het punt waar de kloof uitmondt in de El Chorrodam. Om het wandelen nog spannender te maken, hebben ingenieurs op één plek van het pad een glazen vloer gegeven. Zo kun je even naar beneden kijken om te zien hoe hoog je precies ben. En alsof dat nog niet genoeg is, is er aan het einde van het pad een hangbrug die je op een duizelingwekkende hoogte over de kloof heen voert.

Maar El Caminito del Rey is niet alleen de moeite waard vanwege alle spanning. Het grootste gedeelte van het 7,7 kilometer lange pad voert over land. Het leidt je door de Andalusische natuur in al haar schoonheid, waar je onder meer dennenbossen, gieren en veel wilde bloemen tegenkomt. En als het prachtige uitzicht op de bergen en dalen niet genoeg is voor je, is er ook nog veel geschiedenis te ontdekken.

Langs de route kun je af en toe verlaten stukken industriële machines en andere materialen zien liggen, die doen denken aan het industriële erfgoed van de regio. Op een ander deel van de route hebben archeologen een 25 centimeter grote ammonietfossiel in de rotswand onthuld. Kortom, El Caminito del Rey biedt dus nog veel, veel meer dan alleen de duizelingwekkende hangbrug.

Na de verplichte sluiting ten gevolge van COVID 19 heeft El Caminito op 12 juni haar hekken opnieuw geopend. Gedurende juni en de eerste week van juli is het pad alleen van vrijdag tot en met zondag open. Voorlopig zijn er met een capaciteit van 50% voor maximaal 550 wandelaars toegangskaarten beschikbaar. Als alles volgens plan verloopt, zal het Caminito vanaf 7 juli weer van dinsdag tot en met zondag toegankelijk zijn.

Belangrijk om te weten is dat in verband met het COVID protocol je momenteel ALLEEN het mondkapje op hoeft te doen bij het ingang waar je met diverse bezoekers tegelijk naar binnen gaat en op plekken waar je de 2 meter afstand niet kan handhaven, of waar je wandelaars op de smalle delen voorbij wilt gaan. Er wordt zelfs aangeraden om 5 meter afstand te houden, maar dat blijkt in de praktijk nogal lastig heb ik gemerkt.

 

Op verschillende punten hangen gel-alcohol dispensers en uiteraard worden de verplichte helmen continue gedesinfecteerd.

Het volledige COVID protocol kun je nakijken op de webpagina van El Caminito del Rey.

Maar er valt nog een bijzonderheid te melden! El Caminto del Rey en zijn omgeving zijn genomineerd als kandidaat voor Erfgoed van de Mensheid van Unesco.

Onder dit hele gebied vallen: Desfiladero de los Gaitanes, El Chorro met het Guadalhorce waterbassin en de Gaitano dam, de volledige wandeling, het waterkracht energiecomplex bij El Chorro, het treinstation en de spannende hangbrug. Maar ook de Palaeolitische grot én de Bobastro Mozarabic grot/kapel van Ardales.

Wil je ook dat El Caminito del Rey een Unesco bescherming en onderscheiding krijgt?               Via deze link kun je stemmen.

Toegangsbewijzen zijn inmiddels al uitverkocht tot augustus. Je kunt de beschikbaarheid vinden op de pagina van El Caminito del Rey.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Naar Spanje na de Covid, ontdek de natuur en het historisch erfgoed in Castilla y Leon

Voor het eerst in jaren is het rustig in de grote steden van Spanje. Nu de grenzen nog gesloten zijn heerst er een ongekende stilte.

Maar over een paar dagen is het gedaan met de rust en opent Spanje zijn grenzen weer voor toerisme. In eerste instantie zijn de Schengenlanden welkom. Er is ondertussen hard gewerkt om zo snel mogelijk het toerisme in Spanje weer op gang te brengen.

Maar wil Spanje wel terug naar hoe het ‘vroeger’ was? De toerist is zeker zeer welkom in de de binnenlanden, maar is hij nog welkom in aan de kust of in steden als Madrid of Barcelona? En wil de toerist daar op dit moment wel heen?

De periode na de crisis geeft ons een unieke mogelijkheid om na te denken waar we met het toerisme heen willen. Waar we vandaan kwamen is niet de weg waarop we willen terugkeren. Bepaalde gebieden hadden duidelijk te maken met overtoerisme en de bijbehorende randverschijnselen. Dat zet onze identiteit en de leefbaarheid onder druk. De kunst is om met zijn allen een nieuwe vorm van toerisme aan te boren waarbij erfgoed een belangrijke plek inneemt.

Ik denk dat het goed is dat de schoonheid van Spanje toeristen trekt. Dat de monumentale steden door zoveel buitenlanders worden bezocht is een teken dat al die cultuurhistorische waarde wordt gewaardeerd. Iets waar we vaker bij stil zouden moeten staan.  Dé regio als het om erfgoed van Spanje gaat, is zonder twijfel Castilla y Leon want daar ligt de bakermat. Bovendien biedt Castilla y Leon schitterende natuurgebieden.

Voor mensen die zin in Spanje hebben, maar absoluut geen behoefte aan massatoerisme hebben zet ik zeven superplekken in Castilla y Leon voor je op een rij. Kies je voor rust en ruimte en niet voor rijen wachtende mensen bij musea, zoek dan deze veelzijdige regio eens op. Castilla y Leon ligt central in Spanje en is met auto, trein of vliegtuig goed te bereiken. (klik op de titel om het gehele artikel te lezen)

1. De adembenemende schoonheid van de Sierra de Gredos

 

Ver weg van de Spaanse Costa´s ligt een groen gebied waar de tijd stil lijkt te staan. Nagenoeg in het midden van Spanje vind je een oase van authentieke Spaanse natuur, vol wonderbaarlijke landschappen waar de paden en de bomen de sfeer van vroeger fluisteren.

Op ongeveer een uur rijden van Madrid ligt de prachtige bergketen van de Sierra de Gredos. Hier komen natuurliefhebbers om te wandelen en te genieten van rust en stilte. Het gebergte is een regionaal park met als hoogste punt de Pico Almanzor van 2.592 meter hoog. De streek staat met name bekend om de mooie, glasheldere bergmeren en ruige kloven.

 

2. Eurovelo 1, de Atlantische kustroute op de fiets

 

Wat bezielt me om op weg te gaan? Deze vraag stel ik mezelf regelmatig. Weg uit je vertrouwde omgeving, los uit de dagelijkse sleur, andere mensen ontmoeten, genieten van de mooie natuur op een andere plek, andere landschappen ontdekken of nieuwe ideeën of inzichten opdoen.

Dit keer maak ik een fietstocht door het noorden van Spanje over de Eurovelo 1-route in Castilla y Leon en ga ik op zoek naar afwisselende landschappen onder de Spaanse zon. De Eurovelo 1 is officieel een route van ruim 9000 kilometer die loopt van Noord-Noorwegen naar Zuid-Portugal maar ik beperk me tot een paar dagen op het traject dat door Noord-Spanje loopt. Het startpunt is het dorpje Villafranca Montes de Oca. Van daaruit fiets ik over oude geitenpaden, langs riviertjes en watervallen en af en toe stop ik bij een kappelletje in een gehucht of dorp.

 

3. Mogarraz. Een verscholen bergdorp met eigen identiteit

 

Omringd door honderden portretten, waarvan de ogen mij aanstaren, drink ik een lokale sterke drank op het terras van de plaatselijke kroeg in het bergdorpje Mogarraz. Ik voel me nogal bekeken door de beeltenissen rondom mij waarmee ik geconfronteerd word.

4      10

Ik ben in dit dorp beland via een bergpad vanuit La Alberca, een plaatsje in het binnenland van Salamanca dat tegen de Sierra de Francia ligt aangeplakt. Op het eerste gezicht lijkt Mogarraz exact op de andere dorpjes die ik in de omgeving bezocht heb. Vakwerkhuizen met een paar verdiepingen, een oude kerk met een verlaten historisch plein en in de keienstraten de vriendelijke boerenbevolking bij wie je op de verweerde gezichten kan aflezen dat het bestaan in de Sierra, zelfs vandaag de dag,  niet gemakkelijk is.

 

4. Burgos; wandelen door duizenden jaren oude geschiedenis

 

Burgos staat onder andere bekend als stad waar veel pelgrims neerstrijken die de route naar Santiago de Compostela lopen. De boeiende stad ligt op 860 meter hoogte aan de rivier de Arlanzon. De hoofdbezienswaardigheid van Burgos is de grote Santa Mariakathedraal en dit is de voornaamste reden van mijn bezoek aan de stad. De Santa Maria staat als enige kathedraal van Spanje op de werelderfgoedlijst van Unesco en heeft grote gelijkenis met de Notre Dame in Parijs.

Tussen de 10e en 15e eeuw is Burgos de hoofdstad van het Koninkrijk van Castilla-Leon. Door de gunstige ligging aan de Camino, de weg naar Santiago de Compostella, en het monopolie op de handel in merinowol, ontwikkelt de stad zich in de middeleeuwen van militair gehucht naar een krachtige commerciële stad. In de stad is veel van de middeleeuwse pracht bewaard gebleven. Bijzondere gebouwen zijn onder andere de Mudejarboog van San Esteban en de gelijknamige gotische kerk.

Sinds 1984 staat de Kathedraal van Burgos op de Werelderfgoedlijst van UNESCO.
De Santa Mariakathedraal is gebouwd op de top van een Romaanse tempel naar het Normandisch Frans, gotisch model. De geschiedenis van de gotische kunst wordt in deze kathedraal samengevat in de architectuur en unieke collectie kunstwerken, waaronder de koepel met sterrenhemel, veel schilderijen en glas-in-loodramen. Onder het koepelgewelf ligt het grafmonument van de Spaanse ridder El Cid Campeador en zijn vrouw Doña Jimena. Aan de noordzijde van de kathedraal bevindt zich de escalada dorada, een gouden trap uit de renaissancetijd. Een ander historisch kunstwerk is de Papamoscas. Een beeld dat op elk uur zijn mond opent en zijn tong uitsteekt.

5. De mooiste 5 monumenten in Segovia

De Spaanse stad Segovia ligt op ongeveer anderhalf uur rijden ten noordwesten van Madrid. De hooggelegen stad behoort tot de autonome gemeenschap Castilla y León. Segovia is een wat minder bekende parel uit de geschiedenis, die in het jaar 1985 uitgeroepen werd tot werelderfgoed van Unesco. En dat is niet geheel onterecht. Zo bevindt zich hier de belangrijkste en tevens nog geheel complete Romeinse aquaduct van Spanje. Maar het compacte historische centrum heeft nog veel meer te bieden. Achter het sprookjesachtige Alcázar, de vele paleizen, kloosters en de kathedraal van Segovia gaan heel wat verhalen en legendes schuil.

IMG_1936

Het schitterende kasteel van Segovia lijkt erg veel op de sprookjesachtige kastelen in kinderboeken. En ook de geschiedenis en legendes doen er misschien niet voor onder. Het ‘Alcázar Real de Segovia’ aan de Plaza de la Reina Victoria Eugenia, is een erfenis uit de negentiende eeuw.

 

6. De Arribes del Duero, een verscholen juweel in de natuur.

 

Pepe neemt met zijn auto een scherpe bocht over het hobbelige keienpad. Met rode wangen, het is 35 graden en Pepe heeft geen airco, geniet ik van het woeste landschap. Toch ben ik blij als ik weer uit mag stappen bij de Mirador Picon de Felipe, want de auto heeft namelijk ook geen schokbrekers…

20160608_154019

Wat ik te zien krijg is de moeite waard. Als ik naar beneden kijk in een duizelingwekkend ruim 500 meter diep ravijn, zie ik tussen de ruige bergen de rivier de Duero stromen. De Duero is de belangrijkste rivier in het noordwesten van het Iberisch Schiereiland. Hij ontspringt in Spanje in de provincie Soria op 2000 meter hoogte en loopt over een lengte van bijna 900 kilometer naar het Portugese Oporto waar hij in de Atlantische Oceaan uitmondt. Over een lengte van 112 kilometer vormt de Duero de grens tussen Spanje en Portugal.

 

7. Goede wijn behoeft geen krans; La Rueda

 

Als er ooit een druif is geweest die het moet hebben van geavanceerde technologie, dan is het wel de Verdejo, die voornamelijk in en rond het plaatsje La Rueda, ten noordwesten van Madrid, geoogst wordt.

Laatst was ik op bezoek bij de familie Yllera die gedurende de afgelopen twintig jaar een groot aantal kleine oude bodega´s in Rueda van de ondergang hebben kunnen redden. Een bijzonder project heeft er voor gezorgd dat Grupo Yllera de diverse kelders van deze bodega´s met elkaar in verbinding hebben gesteld en zo is er een ondergronds labyrint van oude wijnkelders ontstaan dat je kunt bezoeken. Het labyrint ligt twintig meter onder de grond en is bijna een kilometer lang.

3 9

Het labyrint is genoemd naar een verhaal uit de legende uit de Griekse Mythologie waar ´De draad van Ariadne´ centraal staat. Ariadne zou de held Theseus geholpen hebben te ontsnappen uit het labyrint waar een Minotauro woonde. Ze gaf Theseus een zwaard en een kluwen wol (De draad van Ariadne). De wollen draad moest hij afwikkelen terwijl hij het labyrint in ging. Ariadne was namelijk bereid om Theseus te helpen op voorwaarde dat hij met haar zou trouwen, zodra hij de uitweg uit het labyrint gevonden zou hebben. Theseus doodde met het zwaard de Minotaurus die in het labyrint huisde en vond dankzij ´De draad van Ariadne´ de uitgang terug.

De ondankbare Theseus liet Ariadne kort daarna in de steek. Maar de god van de druiven en de wijn, Dionysus, onfermde zich over haar en maakte haar tot zijn vrouw.
Het wijnhuis Yllera heeft haar wijnen naar de personages van de legende genoemd; Ariadna, Dedalo, Teseo, Las Doncellas, El Minotauro, Dionisos etc. Iedere wijn heeft, afhankelijk van zijn karakter en leeftijd, een bijpassende naam uit de legende gekregen.

Voor een veilige vakantie en een rustig gevoel wat betreft afstand bewaren kun je uit deze 7 superplekken vast een keuze maken. Mijn advies is : doe ze gewoon allemaal en neem de tijd en voel, proef, ruik, hoor en observeer de schoonheid tijdens je ontdekkingstocht door het oude Spanje.

 

Acht supertips voor een Covid Safe vakantie in Andalusië

“Spanje wacht op jullie!” Als een van de laatste Zuid- Europeese landen in de rij nodigde premier Sánchez zaterdag toeristen uit om vooral de zomer door te brengen in zijn land.  De hoop op een mooie zomervakantie wordt alleen maar groter, nu ook Spanje zijn grenzen voor buitenlanders gaat openstellen

We garanderen dat toeristen geen risico zullen lopen, zegt premier Sanchez. Deze stap komt niet als verrassing; eerder in de week kondigde de minister van Transport al aan dat het buitenlandse toerisme vanaf eind juni weer op gang gebracht wordt. Volgens de minister wordt daarbij dan wel gekeken naar de gezondheidssituatie in het land waar mensen vandaan komen en waar de toeristen in Spanje naartoe willen. Hij zei ook dat de Spanjaarden en residenten dan weer buiten hun eigen provincie mogen reizen.

Kom jij naar Spanje of woon je in Spanje en zou je tijdens je vakantie massatoerisme en drukte willen vermijden? En zou je bovendien plekken willen bezoeken met rust en ruimte of fysiek bezig willen zijn? Dan geef ik vast 8 supertips!

 

Tien verborgen plekjes aan de Costa Tropical. Meer dan zon en zee…

 

20190315_104733

De Costa Tropical is het bescheiden buurmeisje van de Costa del Sol en bestrijkt de 73 kilometer lange kustlijn van de provincie Granada. Er zijn tientallen stranden en kleine baaien met kristalhelder water, meer dan 300 dagen zon per jaar en een gemiddelde temperatuur van 20 graden.

Aan de tropische kustlijn liggen 19 dorpen. De bekendste zijn Almuñécar, La Herradura, Motril en Salobreña. Naast deze stranden zijn er kleine en rustige baaien gelegen in Albuñol, Castell de Ferro, en Polopos.

Naast de tropische kust biedt dit gebied talloze culturele, sportieve en gastronomische mogelijkheden. En natuurlijk de prachtige natuur. In dit artikel beschrijf ik 10 verborgen plekjes met activiteiten die je het hele jaar door kunt ondernemen.

 

Castellar de la Frontera, van Moren tot Hippies

 

Het dorp Castellar de la Frontera ligt in de provincie Cádiz. Het is onderdeel van het achterland van el Campo de Gibraltar en grenst aan de gemeenten San Roque, Jimena de la Frontera, Los Barrios en Alcala de los Gazules, in het natuurpark Los Alcornocales. De uitgestrekte gemeente is opgesplitst in drie centra; Castellar Viejo, Castellar Nuevo en Almoraima.

Dit historische vestingdorp staat bekend om zijn kasteel, het woord ‘Castellar’ betekent letterlijk ‘ plaats van het kasteel’. Castellar de la Frontera Vieja ligt hoog op een heuveltop en heeft een indrukwekkend zicht over de provincies Cadiz en Malaga. Ooit was het een waar kunstenaarsdorp met een bijzondere aantrekkingskracht. Als je wandelt door de smalle kronkelige straatjes, die uit de islamitische periode stammen,  voelt het net of je even door de geschiedenis wandelt.

Een aantrekkelijke en rustige omgeving omringt door de dorpen van het Campo de Gibraltar gebied en het natuurpark Los Alcornocales.

 

Ubeda, werelderfgoedstad in één dag

 

Úbeda is een bestemming die je, als je in Andalusie bent, zeker moet bezoeken. Op mijn route door de provincie Jaén kon ik er niet omheen, Ubeda is samen met Baeza, een werelderfgoedstad. Het zijn twee dorpsnamen die onvermijdelijk samenvallen en door Spanjaarden in een adem genoemd worden als topexcursie. Waarom? Omwille van de prachtige renaissance stijl waarin deze dorpen, beide UNESCO Werelderfgoed, rijkelijk baden. Een stijl die vrij uniek is in Spanje!

Ook de gastronomie is er een bron van genot. Dit is de poort van Andalusië, waar een zee van olijfbomen je welkom heet voor je het verleden in deze dorpjes binnen treedt. Welkom in de provincia Jaen, gastvrij en zonnig! Met bovendien het grootste natuurpark van Andalusië, La Cazorla.

 

Roadtrip en fietsen door de Sierra Subbetica

 

Het natuurpark Sierra Subbetica ligt in Andalusië, op slechts een uurtje rijden van Cordoba of Malaga stad. Het is de thuishaven van één van de grootste kolonies griffioengieren van Spanje en sinds 1988 een erkend natuurpark. Het natuurpark heeft een oppervlak van 31.568 hectare en beslaat de witte dorpen Cabra, Carcabuey, Doña Mencía, Iznájar, Luque, Priego de Córdoba, Rute y Zuheros. De meest bezochte dorpen zijn: Cabra met de hermitage, Iznajar met het stuwmeer en Zuheros.

In het natuurgebied zijn negen bewegwijzerde wandelpaden. Daarnaast is de “Via Verde de Subbetica” een aanrader. Een traject dat vroeger dienst deed als spoorlijn en dat je langs prachtige plekken en via diverse tunnels en viaducten voert. Hoe kun je deze mooie plekken combineren en plan je je je bezoek om de dorpen en de omgeving goed te leren kennen? Ik raad je aan om er drie dagen voor uit te trekken en twee overnachtingen te reserveren.

 

Walvissen en dolfijnen spotten vanuit Tarifa

 

Tijdens de warme zomerse dagen in Andalusië is het heerlijk vertoeven op het water. De Straat van Gibraltar, de zeestraat tussen Zuid-Spanje en Marokko, is een van de beste plekken in Europa om dolfijnen, orka’s en walvissen te spotten. Het voedselrijke water van de Straat van Gibraltar is het leefgebied van verschillende soorten walvissen en dolfijnen. Van april tot oktober vertrekken er vanuit Tarifa dagelijks whale watching tours, waarbij je de indrukwekkende zeezoogdieren van dichtbij kunt bekijken.

Er komen zeven soorten walvissen en dolfijnen voor in de Straat van Gibraltar. Vier daarvan verblijven er het hele jaar: de gewone dolfijn, de griend walvis, de tuimelaar en de gestreepte dolfijn. De Orka’s komen in juli en augustus naar de Straat van Gibraltar om de blauwvintonijnen op te wachten die dan terugkeren uit de Middellandse Zee. Potvissen zijn van maart tot juli te spotten. Zij jagen in die periode op diepte op de reuzeninktvis. En vinvissen passeren de zeestraat tussen mei en juli op doortocht van de Atlantische Oceaan naar de Middellandse Zee.

 

Zomerochtend in Cádiz.

 

El Lorenzo, zoals de zon in Spanje ook wel genoemd wordt, straalt aan de azuurblauwe hemel. Ik heb zojuist de honderddrieënzeventig traptreden van de Torre Tavira beklommen en sta op het vijfenveertig meter hoge dak dat uitkijkt over de oudste stad van Europa. Torre Tavira bestaat uit twee verdiepingen met daarop nog een torentje. Via een stalen deur kom ik de Camera Oscura binnen. Mijn ogen moeten even wennen aan de duistere ruimte, maar al snel zie ik de schim van gids Ramon die begint uit te leggen hoe de Camera Oscura werkt.

De oudste en meest liberale stad van Europa in die tijd, ontwikkelde zich tot de belangrijkste havenstad van Spanje. Mannen van de zee, een en al zout en horizon, brachten de schepen over de Atlantische Oceaan naar de goudgebieden van andere continenten.
In de haven heerst nog altijd de sfeer van weleer. In gedachten zie ik een excentrieke dame in een robijnrode jurk voet aan wal zetten en in een rijtuig stappen. Ze laat zich rijden naar het chique Balneario aan de Playa la Caleta waar ze het rijtuig verlaat en de koetsier, die haar hutkoffer aflaadt, wat munten in de hand stopt.

 

Alcala La Real en La Fortaleza de la Mota

 

Hoe vaak ben ik er niet voorbij gereden op een tocht van Granada naar Cordoba: ´La Fortaleza de la Mota´ in Alcala la Real, een majesteus fort dat hoog vanaf een berg over de olijfvelden uitkijkt. Het sprookjesachtige beeld intrigeert me al jaren. Hoog tijd voor een bezoek dus.

Alcala is het Moorse woord voor fort en het zijn dan ook de Moren die in 713 de berg veroveren en er als eerste een enorme moskee bouwen. De stad die rond de moskee ontstaat, heet in die tijd Qul´at en is het bezit van de Banu Said familie. De roemruchte burcht neemt een bijzondere plaats in als het gaat om de bescherming van het Alhambra in Granada en is vanaf dat moment een gewild strategisch punt waar flink om wordt gestredenEeuwenlang ligt Alcalá la Real in het grensgebied van het Arabische en Christelijke Spanje, het deel van Andalusië dat overheerst werd door de Arabieren en dat deel wat op hen heroverd was.

Overigens kun je in de binnenlanden van Andalusië ook een kastelentocht maken.

 

Sherry proef je in Jerez

 

Er is maar één manier om sherry echt te proeven: onder de strakblauwe hemel van Andalusië, met je voeten op de kalkhoudende aarde, met tapas en ritmische gitaarklanken erbij. Sherry, de drank die voor de Britten zo belangrijk werd, wordt gemaakt van Palominadruiven uit het bijzondere kalkwitte gebied in het puntje van Andalusië, Jerez.  De driehonderd dagen zonneschijn per jaar geven een gemiddelde temperatuur van bijna 20 graden. Je vraagt je af hoe er daar een druif kan groeien, maar dat komt onder andere door de invloed van de Atlantische Oceaan die er voor zorgt dat er tussen oktober en februari zo’n 600 millimeter aan water valt.

Hoofdstad van de sherry is Jerez de la Frontera, een levendige stad midden in Andalusië waar de wijngaarden zich rondom uitstrekken. Alle grote en bekende sherrybodega’s zoals Osborne, Sandeman, Gonzalez Byass zijn hier gevestigd. Het oude centrum is Spaanser dan Spaans met zijn tapasbarretjes, pleinen en patio’s, flamenco, smalle straatjes, kleurige bougainville, witte muren en Mariabeeldjes. De prachtige architectuur en een geschiedenis van drieduizend jaar wijnhandel maken Jerez tot een aantrekkelijke plek voor wijnliefhebbers.

Jerez is een uitstekende uitvalsbasis voor wijnroutes door Malaga en Cadiz. Bovendien kun je in de stad Jerez de Koninklijke paardrijschool bezoeken en de Andalusische danspaarden zien optreden.

 

Met deze tips kun je er zeker van zijn om in alle rust de mooiste plekjes van Andalusië te ontdekken. Wandelen, fietsen, wijn en olijven proeven, dolfijnen spotten, openluchtmusea en schitterende natuurparken. Er zit vast iets voor je bij.

Nu nog wachten tot we mogen…

En in de tussentijd…Andalusië wacht op je!